De wijkraad als stem van de bewoners
In Tilburg Noord wonen ruim 24.000 mensen, verdeeld over Stokhasselt, Heikant en Quirijnstok. Een wijk vol contrasten: van gezinnen die het financieel moeilijk hebben tot bewoners die er bewust blijven wonen vanwege het groene karakter en de saamhorigheid. Wijkraadvoorzitter Harrie Meeuwesen kent de buurt als geen ander en praat met ons over de kracht én de kwetsbaarheid van Noord.
Een wijk met contrasten
De verschillen binnen Noord zijn groot. “In het ene deel ligt het gemiddelde inkomen laag, in andere delen juist wat hoger. Die mix maakt het interessant, maar brengt ook uitdagingen met zich mee. Toch: wie hier woont, woont er graag. Mensen die ooit verhuisd zijn, keren vaak weer terug.”
Wat Harrie zorgen baart, is het beeld dat buitenstaanders van Noord hebben. “Er wordt weleens gezegd: ‘Wie wil er nou in Tilburg Noord wonen?’ Maar wij zeggen dan: als u niet wilt, hoeft het niet. We zitten niet op u te wachten. Noord is een groene wijk en dat willen we graag zo houden.
Geen woorden maar daden
De wijkraad ziet het als zijn taak om de stem van bewoners te laten horen. “In 2017 hebben we een manifest opgesteld met zestig verbeterpunten. Een deel daarvan wordt nu opgepakt, maar het gaat langzaam. Veel bewoners weten nauwelijks wat er allemaal gebeurt. Het blijft nog te vaak op papier.” Volgens Harrie is vertrouwen een sleutelwoord. “Er is veel wantrouwen richting de overheid. Bewoners denken vaak: ze doen toch wat ze willen, dus wat heeft het voor zin? Dat vertrouwen win je niet met een folder, dat vraagt tijd en daden. Mensen moeten iets zien gebeuren, klein of groot.”
Wijkplatform
Om meer verbinding te krijgen, werkt de wijkraad aan de oprichting van een wijk platform waarin bewonersgroepen, verenigingen en stichtingen hun stem kunnen laten horen. “We zijn niet meer representatief voor de hele wijk, en dat erkennen we. Via het platform willen we standpunten bundelen en samen sterker staan richting gemeente en organisaties.”
De kracht van de Tilburgse aanpak
Over de samenwerking is Harrie overwegend positief. “We hebben op dit moment een goede werkrelatie met de gemeente, corporaties en het programmabureau,” zegt hij. “Wat mij betreft mag het tempo soms wat hoger. Er zit nog veel bureaucratie in, en het is soms te politiek gestuurd. Maar ik zie wel dat mensen echt hun best doen om samen te werken. De neuzen staan steeds vaker dezelfde kant op, en dat is belangrijk. Iedereen heeft zijn eigen belang en uitgangspunten, maar je merkt dat de bereidheid om samen te wer ken groeit. Dat is winst.” Die samenwerking levert volgens Harrie ook tastbare resultaten op. “Er gebeurt echt wel wat. Kijk naar het Ypelaarpark dat nieuw leven is ingeblazen, de activiteiten van het Ronde Tafelhuis of de jongeren van de Noordvoerders die zich inzetten voor hun wijk. Op het Verdiplein zie je ondernemers samenwerken om het imago te verbeteren. Dat soort initiatieven laat zien wat er mogelijk is als bewoners, organisaties en gemeente elkaar weten te vinden.”
Investeren in de wijk als gemeenschap
Wat volgens Harrie echt nodig is voor duurzame verandering? “Een zak geld is mooi, maar niet genoeg. Je moet investeren in onderwijs, ontmoetingsplekken en perspectief voor jongeren. Dat ze niet verleid worden om het criminele pad op te gaan, maar kansen krijgen om hun talenten te ontwikkelen. En je moet zor gen dat mensen elkaar ontmoeten, van verschillende achtergron den en leeftijden.” Hij sluit af: “De verandering moet niet liggen in de stenen, maar in de verbinding tussen mensen. Stenen zijn makkelijker op el kaar te stapelen dan mensen met elkaar te verbinden.”